1 mei 2015

Op 1 mei verzamelt Arbeidzaam Denemarken zich in Faelled Parken achter ons huis. Op de universiteit hebben ze mij de afgelopen week meerdere keren indringend verteld dat het vandaag een vrije dag zou zijn.

IMG_3232 kopie_newDrommen mensen in alle soorten en maten vullen de wegen naar het park. Dik en dun, trots en verloederd, allochtoon en autochtoon. Ook zijn er veel groepjes jongeren, maar die zijn opvallend gelijk en Deens met blonde haren. Samen duwen ze de bolderkar gevuld met bier en gettoblaster. Als we op het immense veld aankomen is het een mengeling van geuren, geluid en vergezichten. Golven van nat gras, sigarettenrook, bier en barbecue mengen zich tot het ‘parfum de festival’. De gettoblasters concurreren om hun bereik, maar zij moeten het allemaal afleggen tegen de decibellen van het podium. Een heus decor met alles erop en eraan. Aan beide kanten van de spreekbuis hangen sliertjes met geluidsboxen alsof het oorbellen zijn.

Helle T-SWe horen haar eerder dan dat we kunnen zien. Langzaamaan kunnen we het staccato zangerig betoog koppelen aan de spreekster in de verte. Tussen de rode vlaggen staat Helle Thorning-Schmidt met halfhoge laarsjes, een jekker en een paardenstaart de oppositie te bekritiseren. Het lijkt mij een waagstuk te midden van zoveel arbeiders, zeker wanneer je premier bent. Maar Helle hamert op behoud van de ware sociaal-democratische waarden – ik word gesouffleerd door Silvia die haar inmiddels op hoofdlijnen kan volgen – die Denemarken gemaakt heeft tot wat het is. Ik doe mijn ogen dicht en even denk ik dat ik naar een aflevering van Borgen zit te kijken. Maar de realiteit krijgt weer snel de overhand; het is het land waar we nu wonen. Links van het podium zie ik op een container politie met verrekijkers en doorgeladen machinegeweren. De schrik zit er nog goed in. We staan op 500 meter waar tien weken geleden café Krudttønden – het kruitvat – met een schietpartij het debat over vrijheid van meningsuiting was ontploft. Ditmaal blijft het rustig. De speech van Helle wordt uitgeluid met een beheerst gejuich en wapperende Deense en sociaal-democratische vlaggen – die met die roos erin.

IMG_3224 kopie_new We slenteren over het festival terrein. Het is een braderie van kramen met heuse communisten op leeftijd. Tamil strijders pleitten voor hun onafhankelijk vaderland en Iranezen willen zich verenigen. Er zijn gas gevulde ballonnen voor de kinderen en aaneengeschoven tafels en banken voor de volwassenen die zich te goed doen aan Carlsberg of Royal bier. Ik raak in verwarring omdat er herinneringen blijven opduiken van een Koninginnedag uit lang voorbije tijden, Deutsche bierfesten in Beieren, en een Scoutingverleden toen we dit soort massabijeenkomsten zelf organiseerden. Alles loopt door elkaar – we zijn immers allemaal gelijk – en dat is typisch Deens.

Toch is niet iedereen gelijk. Het frisgroene gras – het is lente en er is een buitje regen gevallen – wordt minutieus schoongehouden door arbeidende mensen die plastic zakken vullen met lege blikjes, flesjes, halve worstenbroodjes en kartonnen met mayo. Het zijn gekleurde Denen en waarschijnlijk allochtoon, al weet je dat nooit zeker. Maar in ieder geval zijn zij anders dan wij allochtoon zijn, want in de wind wapperen onze grijsblonde haren. We gaan naar huis want we krijgen gasten. Mijn eerste allochtone promovendus uit Indonesië is vandaag begonnen. Zij heeft een heus arbeidscontract en een burger service nummer.

Op straat zie ik ook nog steeds gekleurde mannen plastic zakken vullen met fles en blik. Ze zijn op de fiets en rijden van vuilnisbak naar vuilnisbak. Statiegeld is een uitvinding; de stad blijft schoon, en illegale allochtonen worden voorzien van bed, bad en brood.

.

Honderd dagen Kopenhagen

kinderwagens kopie_new

De eerste honderd dagen waren gevuld met het verwerven van de juiste papieren, werken, fietsen, en onregelmatige werkwoorden. We kregen een beeld van het stukje Europa dat Denemarken heet. Denemarken met strak wapperende vlaggen -want veel wind-, met veel fietsers -, die je bestraffend toespreken als je niet stopt voor oranje of als je niet helemaal correct voorgesorteerd staat voor het stoplicht-. Denemarken met z’n onmogelijke taaltje en vriendelijke, afstandelijke mensen. Iedereen bij z’n voornaam. Bijna geen stopdassen en geen buitenspelen nette pakken. Korte broeken (jongens) bij het eerste glimpje zon en een temperatuur boven de 3 graden Celsius.

Heel veel kinderwagens met jonge vaders, veel plassen en kaplaarzen, veel kinderopvang. Een georganiseerd leven; van een half jaar af naar de Vuggestue, van 3 tot 6 jaar naar de Børnehavn en daarna lang naar school en studeren met een vette studiebeurs (800 €).

Een land van zekerheid, tweeverdieners en goedbetaalde banen; meer dan dertig procent van de beroepsbevolking werkt voor het barrista in het park kopie_newuitgebreide staatsapparaat. Vrije gezondheidszorg, vrij en gratis onderwijs, veel kantines (lunch van 11.30 – 12.30 uur). Om vijf uur zijn de kantoren donker en dicht, dan haal je je kinderen van de opvang of heb je een vrije tijdsafspraak. Het land met de meeste verenigingen.

Het land van buitenspelen voor groot en klein. Het park is van iedereen, de beachvolleybalclub speelt z’n wedstrijdje naast de kinderen op het bloesem 2 kopie_newspringkussen. De grasmat in het park wordt elke week opnieuw voorzien van witte strepen, dan kan je op een ‘eigen’ veldje je voetbalwedstrijdje spelen. En het land van joggers, alleen of in een clubje of achter de buggy. Het land waar de buitenbank bezet is zodra de zon schijnt en de barrista’s met hun koffie naar het park komen.….

Nee, we zijn niet lyrisch, daar is het nog te koud voor. Jammer genoeg nog geen rokjesdag hier. met gemiddeld vier graden lager dan in bloesem3 kopie_newNederland laat het voorjaar nog op zich wachten, maar het zit in de lucht. Vandaag hebben we het geroken!

Onder de uitbundig bloeiende Japanse Kersen op het kerkhof van de Bispebjerg waren de picknickkleden al uitgerold. De  Denen vieren het begin van de lente.

Het orgel van de Grundtvigskirke

orgel GrindtvigskirkeEen keer in de zes weken wordt het orgel in de Grundtvigskirke bespeeld voor een concert. De kerk is al een bijzonder gebouw, het orgel is een ding op zich. Het is met 55 registers en 4030 pijpen een waar monster; ruim zestien meter hoog, zevenenhalf breed en anderhalf diep. Alles zit er in; viola di gamba’s, hobo’s, trompetten, verschillende fluiten, klokjes etc.

Vanavond speelde Yuzuru Hiranaka op het orgel. Om half acht staat deze Deense Japanner -hij studeerde aan het Sweelinck Conservatorium en streek in 1991 neer in Kopenhagen- verlegen giechelend en een beetje schutterig achter een microfoon voor in de kerk en legt ons zelf het programma voor. We gaan luisteren naar Liszt’s Opheus, een stuk waarbij destijds de vrouwen flauw vielen. Als wij dat maar niet doen… Zijn inleiding stopt nogal abrupt en hij huppelt door de kerk naar de westelijke ingang en beklimt het orgel. De eerste tonen zijn mild, dan komt Orpheus in de onderwereld. Het orgel bromt en gromt, als een aanzwellende tollende wind rolt de muziek de kerk in en om ons heen.metselwerk Grundtvig ‘We’ zijn de pakweg 75 bezoekers die verspreid in de kerk contemplatief voor zich uit zitten te staren. We worden ingepakt in de muziek. Als het gegrom weer afzakt, krijg ik weer oog voor de kerk zelf. Een uit gele bakstenen opgetrokken kale kathedraal. Nergens een versiering anders dan in het metselwerk.

Dan spoelt het symfonische gedicht Finlandia van Beethoven als een vloedgolf de kerk binnen. De daarop volgende bewerking van een klaviersonate van Beethoven klinkt bescheiden en de ingetogen klanken dwarrelen door de ruimte, het orgel fluit en danst en zwelt aan naar een machtige climax, een prachtig slotakkoord. interieur GrundtvigIn het laatste stuk, ook van Liszt, laten de belletjes en de bosfluit zich horen. Heel verrassend.

Hirakana verschijnt buigend ergens in het gigantische orgel en zwaait dankbaar het applaus weg.

Eenmaal weer buiten vraag ik me af wat daar te horen is als de kerk zich vult met het geluid van het het orgel. Ik fiets nog een rondje om de kerk en langs de in een carré gebouwde huisjes, die nog nietiger zijn door de enorme afmeting van dit bijzondere godshuis. Maar daarover een andere keer meer.grundtvig pleingrundtvig 's avonds

Staatsbezoek

logovoorstel-1.qxp_Layout 1Vandaag en morgen zijn Koning Willem Alexander en Koningin Màxima in Denemarken op staatsbezoek. Rudi houdt op verzoek van de Nederlandse ambassade een verhaal voor één van de tweede handelsmissies, die in het kielzog meereizen. Hij is tevens uitgenodigd op het staatsbanket morgenavond, waarbij de Deense Koningin Margrethe en Prins Henrik ook aanwezig zijn. Het kostte nog enige moeite om hem in de juiste maat Black Tie te krijgen, maar de verkoper van de herenzaak op de hoek heeft het vuur uit z’n sloffen gelopen om daar voor te zorgen. Een klassieke uitvoering in maat 46 was moeilijke opgave, maar het argument dat Rudi met de twee koninginnen zou dineren gaf hem voldoende ammunitie om zijn leveranciers in beweging te zetten.

Op de website http://achterhetstaatsbezoek.nl/2015/03/17/wat-doen-we-met-opa-en-oma/ schreef Caroline Boessenkool van de ambassade een blogpost over waarom we -volgens Rudi- moeten investeren in ouderen. Lees het zelf. Als dat niet lukt door op de link te (dubbel)klikken, kopieer het linkje dan en plak het in je browser.

Tryllefløjten

Vrijdagavond naar de opera op het eiland Holmen, het was het derde deel en betoverende sluitstuk van het culturele cadeau van Leyden Academy. Bedoeld om ons op weg te helpen in het hoge Noorden. Geheel in de nieuwe traditie gingen wij op de fiets.

We hadden het majestueuze gebouw, net als de opera van Sydney aan het water gebouwd, al een aantal malen -van dichtbij en veraf- bij daglicht gezien. Maar aankomen in de avond is anders.

opera CPH

Het staat precies in de zichtlijn van de Dom en het geometrisch perfect geordende Koninklijk paleis aan de overkant van de haven. Het is een -beetje opgedrongen- geschenk van de reder Mærsk aan de stad. Mærsk is het grootste container bedrijf ter wereld. En niet beursgenoteerd, zoals als veel bedrijven hier. De stad zat er niet op te wachten, maar is er nu evenals de Kongelige Opera, blij mee. Het is een parel aan de haven èn je kunt er ook met de waterbus komen aanvaren.

opera 1 opera 2

Binnenin lijkt het op een schip….. Met allerlei bruggen naar het binnenste van het met hout omklede heiligdom, dat nog het meest aan een pompoen doet denken. Het publiek is typisch Deens. Mensen strak in pak, sommigen met das, enkele strikken, maar vooral zichzelf. Velen komen in hun persoonlijke modieuze outfit, of in spijkerbroek met sweater. Hier dwarrelt 1500 man door elkaar heen, trap op en trap af. Over glanzend marmer, dat dan weer wel.

De zaal is gewoonweg indrukwekkend met 1500 stoelen in Kongelig blå (blauw). De vier gigantische balkons doen denken aan de Scala in Milaan. Maar de strakke houten uitvoering van het binnenste van deze pompoen klinkt je vast aan Scandinavië. Alle barokke elementen die in dit land aanwezig zijn worden gekoesterd, men is trots op wat was. Maar nu en naar de toekomst toe moet het anders. In plaats daarvan zijn er strakke vlakken en belijningen, in operahuizen, woonkamers, en keukengerei.

opera 3 opera 4

De uitvoering van de toverfluit was bijzonder. Ongewoon in die zin dat je het idee kreeg dat je aanwezig was in een eigentijdse musical. Nee, er was geen versterkte muziek. Ja, de dirigent was in white tie – het orkest in zwart en vanzelfsprekend zonder das. Ja, de toonzetting, de aria’s, de HOGE E, alles was daar. Maar de personages ware ‘echt’ en eigentijds uitgedost.

Geen stijve sopranen, alten, bassen. Papageno, was een vrolijk personage met een bijbehorende krullende haardos die over en weer rondom de orkestbak dartelde. Met een beweeglijkheid die in het ballet niet zou misstaan. En zo ook Sarastro, een boomlange Zweed met schoenmaat 48, die met zijn verschijning niet eens hoefde te zingen om al het donkere van de nacht en de macht te verbeelden.

Bijna hilarisch waren de laatste strofen van de opera wanneer Papageno zijn geliefde Papagena ontmoet. Dan wordt het cabaret als ze op de noten van Amadeus, strippend tot aan het ondergoed, de vlinders van de liefde bezingen.

papageno/papagena

Het is Mozart ten voeten uit: één brok energie, talent en hormonen, helaas slechts 35 jaar geworden.

Deense les

Twee weken geleden begon de Deens les. Vier ochtenden in de week van negen tot een. De docent, Einar Helleland, is tevens mede-auteur van het vorig jaar verschenen lesboek Sådan. Hij is Noor van geboorte, groeide op in Jutland in Denemarken, studeerde taalwetenschap in Kopenhagen en promoveerde op tweede taalverwerving voor volwassenen. Hij geeft ons les op Studieskolen, een groot taleninstituut middenin Kopenhagen. Het klasje bestaat uit achttien cursisten waarvan de meesten naar Denemarken gekomen zijn met vriend/vriendin/vrouw/man. Enkelen hebben een baan, vaak in de horeca, anderen zijn op zoek. Het klasje is gemotiveerd en het lijkt erop dat iedereen het vol wil houden. Afwezigheid wordt bij grote uitzondering getolereerd en negen uur is negen uur, dan begint de les.

Het schutterige van het begin is er af. We doen de spreekoefeningen met elkaar al met meer flair en in de twee pauzes duikt niet iedereen gelijk in z’n telefoon, maar wordt er -vooral in het Engels- gepraat (over sportscholen, leuke (boek-) winkels, eettenten etc).

Deens is een taal met drie gezichten. Lezen lijkt nog het makkelijkst, maar spreken en schrijven lijken weinig op elkaar. De Denen slikkende helft of meer van een woord in. D-s, g-s en r-en worden in de regel niet uitgesproken en het aantal klinkers is verbazingwekkend groot. Voor het gemak heeft Einar het aantal klinkers in dit nieuwe lesboek beperkt tot 15. Een schema achterin het boek geeft instructie over de juiste positie van de tong en de stand van de lippen, met een glimlach of rond getuit. En dan nog met lange of korte klanken, op de juiste toonhoogte en de goede klemtoon. Zinnen wordenIMG_2600 kopie_new heel anders uit gesproken dan je op het eerste gezicht zou denken.  “Hvad med dig?” <Hoe is ’t met je> wordt: “Wèmmèdei?”. “I lige måde!” <van ’t zelfde!> wordt “ieliejemool!”. Maar het is verfrissend en leuk om een nieuwe taal te leren, de grammatica, ook die van het Nederlands, komt weer naar boven. Einar steekt ons regelmatig een hart onder de riem en zegt dat we het binnen tien jaar wel helemaal onder de knie kunnen krijgen. Vi skal se! [wie skè sie].

 

Vem kan segla

Met een pittige noordooster in de nek stonden we gisteravond tussen 30.000 mensen bij de herdenkingsbijeenkomst op het plein bij de Krudttønden.

IMG_2515 kopie_newIMG_2523 kopie_new

De meegebrachte vlaggen wapperden fier in de wind en het vuur van de fakkels wakkerde zo snel aan dat de meeste dragers ze toch maar weer uittrapten, om schroei- en brandplekken in de jassen te voorkomen. Er kwamen mensen -groot en klein- van alle kanten, schoven keurig aan en toen om acht uur de ceremonie begon, verstomde het geroezemoes. We hoorden de Deense statsminister, de ambassadeur van Frankrijk die zaterdag bij de bijeenkomst was, een meneer van de politie en er werd (mee-)gezongen. Iets Deens, maar ook Imagine van John Lennon en het Zweedse liedje Vem kan segla -waarvan ik de opname helaas niet in de blog krijg-. Tussendoor veel dof applaus met handschoenen. Om kwart over negen vertrok iedereen weer in alle richtingen.

IMG_2540 kopie_newIMG_2541 kopie_new

En bij daglicht ligt de plaats-delict er zo bij.

IMG_2543 kopie_newIMG_2549 kopie_newIMG_2553 kopie_newIMG_2552 kopie_new

Het Kopenhaagse leven gaat door.

Krudttønden

Gistermiddag gemerkt dat we in een kruitvat wonen. Onze straat is afgezet; politieauto, agenten en een lint. Ach, dat zagen we al meer. Een paar weken geleden was dat ook het geval met een huiszoeking verderop. Alleen als we zeggen waarom we de straat in willen en aanwijzen waar we wonen, mogen we dicht langs de huizen lopend -snel onze fietsen tegen de muur- naar binnen. Boven zijn we het eigenlijk al weer vergeten, maar af en toe werp ik toch een blik door die handige erker naar buiten. Tegen half zes zwaait aan een kant van de Gade de politieauto af, de andere kant blijft dicht. Om zes over zes een WhatsAppje van Floor: Mam, er is geschoten in Kopenhagen?? We duiken onmiddellijk de digitale wereld in en ontdekken dat het om de hoek (eigenlijk drie hoeken) gebeurd is. De Krudttønden is een bekend jazzcafé waar die middag een debat over vrije meningsuiting plaatsvond. De tragische afloop is jullie bekend.

Om kwart over zeven sluipen we de straat uit en slippen onder het lint door. De Østerbrogade staat vol met regieauto’s van diverse televisiestations, het 300 meter gebied rond de Krudttønden is afgezet, volop politie op de been. Maar het leven gaat door en wij gaan naar Jazzhus Montmartre waar Carsten Dahl, een Deense pianist speelt met twee Amerikanen; Reuben Rogers (bas) en Gregory Hutchinson (drums). Het Jazzhus houdt het midden tussen een (eet)café en een theater. Het met rode velours gordijnen omhangen podium is niet echt groot, maar net ruim genoeg. kul_CarstenDahl_888224a-1De meeste bezoekers hebben hier aan lange tafels gegeten en tafelen na tijdens het concert. Het is de sfeer die we herkennen van de kraakheldere live opnames van Shelly Manne & his men at the Black Hawk. Wij nemen bescheiden achterin plaats. Het trio is al negen dagen met elkaar op pad, ze zijn mooi op elkaar ingespeeld, geven elkaar ruimte en hebben plezier. Een fijne avond jazz, gekregen van Leyden Academy!

Onderweg naar huis dringt de werkelijkheid weer door. Politieauto’s schieten ons voorbij. Het is nog niet rustig in de stad.

Vanochtend wakker geworden van de helicopters, het zijn er wel veel deze keer en zo te horen landen ze niet op het dak van het naburige Rigshospitalet. Op de iPad zien we hoe gewelddadig de avond en de nacht waren. Om tien uur lopen we een inspectierondje en gaan dan snel naar huis om op te schrijven dat er van alles om ons heen is gebeurd.

IMG_2496_newIMG_2498 kopie_new

IMG_2500 kopie

Det kongelige bibliothek

winterakonieten

De dagen worden langer. Het is ‘s morgens zelfs al eerder licht dan in Nederland. Dat komt natuurlijk omdat wij 600 km naar het oosten opgeschoven zijn, maar het voelt wel fijn. ’s Avonds lopen we nog steeds voor, het is hier dan eerder donker, maar langzaamaan kruipen we naar de Nederlandse norm. De zon is terug, je ruikt de aarde en in de parken en plantsoenen schieten de sneeuwklokjes en de winterakonieten uit de grond. – Ik signaleerde ook al de eerste jongens in korte broek en op sandalen – Tussen de middag eten de mensen buiten in de zon hun boterhammetjes op.

KB noord

Ik was naar de Koninklijke Bibliotheek. Ze bestaat uit twee gebouwen, een bakstenen gebouw uit 1906 en een annex van zwart marmer en glas, wat haar de bijnaam ‘de zwarte diamant’ heeft opgeleverd. De gebouwen zitten echt aan elkaar, het oude staat in de tuin van het Christiansborg slot (Borgen) met de rug naar de haven. Het nieuwe is aan de rug vastgeplakt, gaat over de weg heen en staat met de lees-, theater- en expostitiezalen aan het water. Binnen is een groot atrium. Het voelt als of je in/op een enorm schip staat, je kijkt acht verdiepingen omhoog en ziet de golvende balkonnen van de studiezalen. Dwars door de ruimte twee lange rolbanen (‘mind your step’) die je naar boven of beneden brengen. Als je je via de rechterbaan hebt laten verheffen, kijk je nog voor je van deze bewegende loopplank afstapt, zo de oude leeszaal in. Het hart maakt een huppeltje van deze verrassende architectuur. Het plafond van de brug – want je staat nu op een van de drie luchtbruggen boven de weg – is een enorm schilderij van Per Kirkeby en als je je omdraait naar het water heb je een fantastisch uitzicht op Christianshavn.

leeszaal westatrium vanaf luchtbrug

Langzaam laat ik me weer naar beneden transporteren. Een volgende keuze dient zich op; ga ik het ‘afvoerputje’ naar de fototentoonstelling in of beklim ik eerst een traditionele trap om de schatten van deze KB te bekijken. Ik kies voor het laatste en kom in een kleine gedimde ruimte die is ingericht door de Andrey Bartenev. In een Russische avant garde setting liggen een Gutenbergbijbel, de sprookjes van Andersen, vele handschriften, dagboeken van Kierkegard, getekende strips, flora’s, vogelboeken, muzieknotaties van Bach, incunabelen etc gebroederlijk naast elkaar. Een bescheiden zoeklichtje loopt langzaam met je mee en leidt je oog langs de schatten. Er zijn schermpjes met extra informatie en aanvullende videofragmenten. Ik blijf hangen bij Karen Blixen en denk aan die melancholieke maar o zo prachtige beginzin van Out of Africa: I had a farm in Africa, at the foot of Ngong Hills… en zie het begin van de film (Karen Blixen – Meryl Streep – schrijvend aan een bureau, buiten loopt de regen troosteloos langs de Deense ramen, maar binnen is het gelukkig warm). In de opstelling ligt het typoscript van Out of Africa, in het Engels getikt en met potlood de Deense vertaling Den Afrikanske farm onder de regels. De conservator vertelt op de video dat Blixen Tania heette en wijst op een bewaard afscheidsbriefje van haar vriend en geliefde Denys Finch Hatton: ‘Goodbye and thank you for so many pleasant days, when I was so bad.’

typoscript Out of AfricaIMG_2400 kopie_newbriefje Denys Finch Haton, tekening van Karen Blixen

Dan keer ik weer terug naar de zon en zie op een van de ‘aanmeerogen’ langs de kade dat het tien over twaalf is.den sorte diamantaan-meer-oog

Grasmaaier

IMG_2227 kopie_newIMG_2217 kopie_new

Buiten ligt er een laagje sneeuw. De bomen op de binnenplaats zien er uit zoals ik die leerde zien en tekenen van Jack Schroevers, de meester van de vijfde en zesde klas. Met Oost-Indische inkt op grijs papier en dan met een priegelpenseeltje een dun streepje sneeuw op de takken. Er moet nog een foto zijn waarop die bomen als achtergrond van de klasse-foto te zien zijn.

Ik mijmer weg, de zon schijnt naar binnen! Dan hoor ik de grasmaaier …..

Het is Fritz, de huismeester, die met een gemotoriseerde borstel de paden van de binnentuin sneeuwvrij maakt…..wat kun je toch verlangen naar de geur van pasgemaaid gras.

IMG_2243 kopie_newIMG_2221 kopie_new

De werkelijkheid is echt anders, de sneeuw op straat wordt prut en blijft alleen liggen in het Faelledpark, waar kinderen en actieve ouderen spelen. Na afloop worden de skistokken tegen de muur van het schuilhuisje gezet en gaan de doppen van de thermoskannen. Buiten -groot en klein- we leven buiten in Scandinavië.